ECLI:NL:RBNHO:2025:15878
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing ontruimingsvordering sociale huurwoning na aantreffen handelshoeveelheid harddrugs
Parteon, een toegelaten instelling, vordert in kort geding ontruiming van een sociale huurwoning nadat bij de huurder een handelshoeveelheid cocaïne en aan drugshandel gerelateerde voorwerpen zijn aangetroffen. De burgemeester had de woning op grond van artikel 13b Opiumwet voor drie maanden gesloten. Parteon maakte gebruik van haar wettelijke bevoegdheid tot buitengerechtelijke ontbinding van de huurovereenkomst.
De huurder betwistte de ontbinding en voerde aan niet betrokken te zijn bij de drugshandel en dat ontruiming tot dakloosheid zou leiden, met nadelige gevolgen voor zijn minderjarige kinderen. De kantonrechter oordeelde dat de buitengerechtelijke ontbinding rechtsgeldig was en dat het verweer van de huurder ongeloofwaardig was. De belangen van Parteon bij handhaving van haar zerotolerancebeleid en het waarborgen van leefbaarheid in de wijk wogen zwaarder dan de individuele belangen van de huurder.
De kantonrechter stelde een ontruimingstermijn van veertien dagen na betekening vast en veroordeelde de huurder tot betaling van een gebruiksvergoeding en proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De belangen van de kinderen werden meegewogen, maar vormden geen beletsel voor ontruiming gezien hun hoofdverblijf bij de moeder en de mogelijkheid tot omgang buiten de woning.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vordering tot ontruiming toe en veroordeelt de huurder tot betaling van gebruiksvergoeding en proceskosten, met een ontruimingstermijn van veertien dagen.