ECLI:NL:RBNHO:2025:15396

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
8 december 2025
Publicatiedatum
31 december 2025
Zaaknummer
C/15/372406 / FA RK 25-6183
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging tot voortzetting van een crisismaatregel in het kader van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Op 8 december 2025 heeft de Rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, een beschikking gegeven in een zaak betreffende de voortzetting van een crisismaatregel. De officier van justitie had op 4 december 2025 verzocht om voortzetting van de crisismaatregel die op 3 december 2025 door de burgemeester van Haarlem was opgelegd aan de betrokkene, die lijdt aan een bipolaire stoornis. Tijdens de mondelinge behandeling op 8 december 2025 zijn de betrokkene, haar advocaat en een psychiater gehoord. De rechtbank heeft vastgesteld dat er een onmiddellijke dreiging van ernstig nadeel voor de betrokkene of anderen is, veroorzaakt door een psychische stoornis. De rechtbank oordeelde dat verplichte zorg noodzakelijk is, waaronder het toedienen van medicatie en het beperken van de bewegingsvrijheid. De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel, maar voor een kortere duur dan verzocht, namelijk voor twee weken. De betrokkene heeft voldoende ziekte-inzicht en de rechtbank verwacht dat zij binnen deze periode weer stabiel zal zijn. De beschikking is openbaar uitgesproken en de schriftelijke uitwerking is vastgesteld op 15 december 2025.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Familie en Jeugd
locatie Haarlem
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
zaak-/rekestnr.: C/15/372406 / FA RK 25-6183
beschikking van de enkelvoudige kamer van 8 december 2025,
naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] te [plaats] ,
wonende te [plaats] ,
thans verblijvende in [accommodatie] , locatie [locatie] te [plaats] ,
hierna: betrokkene,
advocaat mr. B. Roodveldt, gevestigd te Zaandam.

1.Procedure

1.1.
Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 4 december 2025, heeft de officier van justitie voortzetting verzocht van de door de burgemeester van de gemeente Haarlem op
3 december 2025 aan betrokkene opgelegde crisismaatregel.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
  • een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel;
  • de medische verklaring van 3 december 2025;
- een historisch overzicht van eerder gegeven machtigingen in het kader van de Wvggz en de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op
8 december 2025, in voornoemde accommodatie.
1.3.
Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat mr. C. Peters, waarnemend voor
mr. B. Roodveldt;
- [psychiater] , psychiater;
- [co-assistent] , co-assistent.
1.4.
De officier van justitie heeft aangegeven niet ter zitting te zullen verschijnen.

2.Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat een onmiddellijke dreiging van ernstig nadeel voor of van betrokkene of een ander is, te weten:
  • ernstig lichamelijk letsel;
  • ernstige psychische schade;
  • ernstige financiële schade;
  • maatschappelijke teloorgang;
  • de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
2.2.
Het ernstige vermoeden bestaat dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten een manisch psychotische ontregeling bij een bipolaire 1 stoornis. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
2.3.
De rechtbank is van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden, te weten:
  • het toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • het beperken van bewegingsvrijheid;
  • het insluiten van betrokkene;
  • het uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • het controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • opnemen in een accommodatie.
2.4.
De rechtbank is van oordeel dat aan de wettelijke voorwaarden voor afgifte van de machtiging met de hiervoor genoemde vormen van verplichte zorg wordt voldaan.
2.5.
Betrokkene verzet zich tegen voornoemde vormen van verplichte zorg.
2.6.
Namens betrokkene is naar voren gebracht dat zij ziekte-inzicht heeft en dat zij medicatie en hulp accepteert. Betrokkene zou graag de kans krijgen om in vrijwillig kader in de instelling te verblijven. Ook zou betrokkene graag voor de Kerstdagen naar huis gaan. De psychiater heeft zich op het standpunt gesteld dat betrokkene nog onvoldoende is ingesteld op haar medicatie en daardoor nog niet stabiel is. De komende drie weken zijn volgens de psychiater nog nodig om het ziekte-inzicht van betrokkene te vergroten en de hulpverlening vanuit het FACT te organiseren.
2.7
De rechtbank oordeelt als volgt. Betrokkene is, ondanks dat zij haar medicatie zegt te hebben ingenomen, toch ontregeld geraakt. Volgens de psychiater is bij het onderzoek van betrokkene gezien dat het lithium spiegel laag was. Betrokkene heeft naar voren gebracht dat ze niet meer zeker weet of haar dosis lithium bij de huisarts is verlaagd. Hoe dan ook, het is belangrijk dat duidelijk wordt waardoor betrokkene ontregeld is geraakt. Daarom is het nodig dat betrokkene blijft meewerken aan de hulpverlening en binnen een gestructureerde omgeving aan haar herstel werkt.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend. De rechtbank ziet wel aanleiding de machtiging te verlenen voor een kortere duur dan verzocht, namelijk voor de duur van twee weken. Betrokkene weet dat zij een bipolaire stoornis heeft en dat zij daar medicatie in de vorm van lithium nodig heeft. Ze heeft daarmee voldoende ziekte-inzicht en besef, wat ook blijkt uit het feit dat zij de laatste jaren vrijwillig in zorg was bij haar huisarts. Betrokkene heeft tijdens de mondelinge behandeling voldoende toegelicht dat zij het belang inziet van haar medicatie en dat ze die zal blijven innemen. Gelet op deze combinatie van factoren verwacht de rechtbank dat betrokkene binnen twee weken weer goed op haar medicatie zal zijn ingesteld en daarmee voldoende stabiel zal zijn om wederom vrijwillige zorg te accepteren. Het overige verzochte zal daarom worden afgewezen.

3.Beslissing

De rechtbank:
- verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] , met de vormen van verplichte zorg zoals hierboven onder 2.3 zijn genoemd;
- bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
22 december 2025;
- wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.K. Mireku, rechter, in tegenwoordigheid van mr. N.S. van Lede – Terhaar sive Droste als griffier en in het openbaar uitgesproken op 8 december 2025.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 15 december 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.