In deze zaak verzoekt de werknemer, hierna te noemen [verzoekster], om vernietiging van een opzegging van de arbeidsovereenkomst door de werkgever, Beentjes Groentebroers B.V. De kantonrechter oordeelt dat de opzegging door de werkgever niet rechtsgeldig is, omdat er geen duidelijke en ondubbelzinnige verklaring van de werknemer is die gericht is op beëindiging van het dienstverband. De werkgever heeft de arbeidsovereenkomst opgezegd, maar dit is niet rechtsgeldig gebeurd, omdat de werknemer niet schriftelijk heeft ingestemd met de opzegging en er geen dringende reden of toestemming van het UWV voor het ontslag aanwezig was. Het verzoek van de werknemer tot vernietiging van de opzegging wordt toegewezen.
Daarnaast wordt het verzoek van de werknemer om loonbetaling en aanzegvergoeding toegewezen. De kantonrechter oordeelt dat de werknemer recht heeft op loon vanaf 18 april 2025, omdat de opzegging wordt vernietigd en de arbeidsovereenkomst voortduurt. De werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de aanzegvergoeding van € 1.582,59 en achterstallig loon van € 547,82. De proceskosten komen voor rekening van de werkgever, omdat deze overwegend ongelijk krijgt. De beschikking is gegeven door mr. F.J. Lourens en in het openbaar uitgesproken op 19 december 2025.