ECLI:NL:RBNHO:2025:14428

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
9 december 2025
Publicatiedatum
9 december 2025
Zaaknummer
11698055 BM VERZ 25-1279 JM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 266 RVArt. 1:391 BWArt. 1:441 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Instelling bewind wegens psychische problematiek en vermoedelijk financieel misbruik

De kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland heeft op 9 december 2025 een verzoek tot onderbewindstelling toegewezen voor betrokkene, die kampt met psychische problematiek en vermoedelijk financieel misbruik ondervindt. Betrokkene had zich uitgeschreven uit Nederland en ingeschreven in het buitenland, maar de kantonrechter oordeelde op grond van artikel 266 RV Pro bevoegd te zijn omdat betrokkene zich feitelijk nog in Nederland bevindt.

De procedure kende meerdere zittingen, waarbij betrokkene zich wegens vakantie en een ongeluk afmeldde. Zij verscheen niet op de zitting van 25 november 2025, maar meldde per e-mail dat zij op de spoedeisende hulp was. De kantonrechter concludeerde dat de uitschrijving niet serieus was en vermoedelijk onderdeel van het misbruik door derden.

Gezien de lichamelijke en geestelijke toestand van betrokkene, haar onvermogen om haar financiële belangen te behartigen, en het stopzetten van alle ondersteuning, werd het bewind ingesteld. De voorgestelde bewindvoerder werd benoemd en de beschikking wordt ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister. Betrokkene is momenteel niet in staat om rekening en verantwoording te beoordelen of toestemming te geven voor handelingen volgens artikel 1:441 BW Pro.

Uitkomst: Bewind wordt ingesteld over de goederen van betrokkene ter bescherming van haar financiële belangen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Zittingsplaats Alkmaar
zaaknummer : 11698055 BM VERZ 25-1279 JM
datum : 3 december 2025

beschikking op een verzoek tot onderbewindstelling

op verzoek van:
officier van justitie in het arrondissement Noord-Holland, t.a.v. afdeling extra judicieel, te Haarlem,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[betrokkene],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
[adres],
hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 1 juli 2025;
  • e-mailberichten van betrokkene, ontvangen op 3 augustus 2025 en 29 september 2025;
  • een aanvullende bijlage bij het verzoek, ontvangen op 30 september 2025;
  • het e-mailbericht van betrokkene, ontvangen op 20 november 2025;
  • het-e-mailbericht van OGGZ-[medewerker], ontvangen op 21 november 2025;
  • het e-mailbericht van betrokkene, ontvangen op 25 november 2025;
  • de bereidverklaring van de voorgestelde bewindvoerder om tot bewindvoerder te worden benoemd.
De dochter van betrokkene is aangemerkt als belanghebbende, zij heeft geen bezwaar tegen het verzoek gemaakt. De heer [partner], huidige (vermoedelijke) partner van betrokkene, is niet als zodanig aangemerkt.
Het verzoek is mondeling behandeld op 25 november 2025 te 13.30 uur. Verschenen zijn: [medewerker] en de beoogd bewindvoerder. Betrokkene heeft zich bij e-mailbericht van 25 november 2025 om 13:43 uur te laat afgemeld voor de mondelinge behandeling.

beoordeling

Het verzoek strekt tot instelling van een bewind voor betrokkene en publicatie daarvan in het Centraal curatele- en bewindregister. Verzocht is om het bewind in te stellen op grond van de lichamelijke of geestelijke toestand van betrokkene. Het verzoek wordt – kort samengevat- als volgt onderbouwd. Vangnet & Advies GGD Hollands Noorden is al sinds 2022 in beeld. Betrokkene is belast met psychische problematiek. Haar woning was vervuild en slecht onderhouden. In 2024 is de echtgenoot van betrokkene overleden. Betrokkene is (administratief) niet zelfredzaam. Vermoedelijk is er sprake van een laag intelligentieniveau. Betrokkene heeft daarnaast contact met mannen en er is vermoedelijk sprake van (financieel) misbruik. Vanuit de hulpverlening bestaan er zorgen over het (financiële) welzijn van betrokkene. Zo geeft ook de boekhouder, waarmee betrokkene het contact heeft gebroken, aan zich ernstig zorgen te maken. Betrokkene heeft, vanwege haar onvermogen, de nalatenschap nog niet afgewikkeld en ontvangt al sinds 2023 haar pensioen niet meer. Betrokkene heeft daarnaast de ondersteuning vanuit de WMO en de praktijkondersteuning stopgezet.
Uit de stukken blijkt verder dat de zus van betrokkene het verzoek ondersteunt.
De kantonrechter heeft betrokkene opgeroepen om op 8 september 2025 ter zitting te verschijnen. Betrokkene heeft zich voor deze zitting afgemeld, omdat zij wegens vakantie niet in staat is te verschijnen. De zitting is verplaatst naar 2 oktober 2025. Op 29 september 2025 bericht betrokkene de kantonrechter dat zij zich ook voor deze zitting af moet melden, omdat zij op vakantie een ongeluk heeft gehad en haar polsen en ruggenwervel heeft gebroken. De zitting is verplaatst naar 25 november 2025.
Op 21 november 2025 bericht betrokkene de kantonrechter dat zij zich uit heeft geschreven op haar adres in de gemeente Schagen en dat zij verzoekt het verzoek ongegrond te verklaren, omdat zij nu niet meer in Nederland woonachtig is. Bij haar bericht heeft zij het verhuisbericht van de gemeente Schagen bijgevoegd. Hieruit blijkt dat zij zich heeft ingeschreven op een adres in Milaan. De griffier heeft op verzoek van de kantonrechter betrokkene per e-mail op 21 november 2025 bericht dat de zitting doorgaat en haar verzocht aanwezig te zijn.
Betrokkene is niet verschenen en de kantonrechter heeft de zitting gehouden zonder aanwezigheid van betrokkene.
Direct na de zitting om 13.43 uur heeft de kantonrechter een e-mailbericht van betrokkene ontvangen waarin zij aangeeft dat zij niet aanwezig kan zijn op de zitting, omdat zij momenteel aanwezig is op de spoedeisende hulp in Den Helder.
Relatieve bevoegdheid
Op grond van artikel 266 RV Pro is de kantonrechter van de woonplaats of, bij gebreke van een woonplaats in Nederland, van het werkelijk verblijf van betrokkene bevoegd om kennis te nemen van het verzoek. Gebleken is dat betrokkene zich heeft uitgeschreven van haar eigen woning in Nederland, maar gelet op de e-mail die de kantonrechter direct na de zitting van betrokkene heeft ontvangen, staat het voor de kantonrechter vast dat betrokkene zich nog steeds in Den Helder bevindt en daarom is de kantonrechter van oordeel dat zij bevoegd is een beslissing te nemen op het verzoek. Daarop gelet oordeelt de kantonrechter als volgt.
Het is voor de kantonrechter vast komen te staan dat betrokkene vanwege haar lichamelijke of geestelijke toestand onvoldoende in staat is haar vermogensrechtelijke belangen te behartigen. De kantonrechter vindt het zorgelijk dat betrokkene alle ondersteuning van hulpverleners, maar ook die van de boekhouder heeft stopgezet. De uitschrijving uit Nederland is, naar het oordeel van de kantonrechter niet serieus te noemen, en maakt vermoedelijk deel uit van het misbruik door derden. Om de financiële belangen van betrokkene te beschermen, zal de kantonrechter bewind instellen. De kantonrechter zal de voorgestelde bewindvoerder benoemen.
De kantonrechter zal bepalen dat deze beschikking wordt ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 van Pro het Burgerlijk Wetboek.
Betrokkene is (op dit moment) niet in staat om de rekening en verantwoording te beoordelen.
Betrokkene is op dit moment niet in staat om toestemming te geven voor de handelingen als bedoeld in artikel 1:441 Burgerlijk Pro Wetboek.

beslissing

De kantonrechter:
- stelt met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking een bewind in over de goederen die
[betrokkene](zullen) toebehoren vanwege haar lichamelijke of geestelijke toestand;
- benoemt met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking tot bewindvoerder(s):
J. Maka h.o.d.n. Malzwin Bewindzorg, Kvkno. 87824469, correspondentieadres: postbus 1070, 1780EB Den Helder;
- bepaalt dat deze beschikking wordt ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 van Pro het Burgerlijk Wetboek;
- bepaalt dat de bewindvoerder voor de (aanvangs)werkzaamheden en voor de met het bewind gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven ten laste van het vermogen van betrokkene mag brengen.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.E. Merkus, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovenvermelde datum.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.