In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland op 25 november 2025 uitspraak gedaan in een deelgeschil tussen [verzoeker] en [verweerder sub 1] en [verweerder sub 2]. [verzoeker] was op 18 maart 2023 betrokken bij een vechtpartij in Oostenrijk, waarbij hij letselschade heeft opgelopen. Na een schikkingsvoorstel van de Oostenrijkse autoriteiten, heeft [verzoeker] een schadevergoeding van € 1.500,- ontvangen, maar hij stelt dat zijn schade groter is en verzoekt de kantonrechter om vast te stellen dat [verweerder sub 1] en [verweerder sub 2] hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de aanvullende schade. De kantonrechter heeft het verzoek van [verzoeker] toegewezen, maar heeft aangegeven dat er nader onderzoek nodig is naar de omvang van de schade. Het tegenverzoek van [verweerder sub 1] en [verweerder sub 2] om vast te stellen dat zij niet aansprakelijk zijn voor schade boven het reeds betaalde bedrag, is afgewezen. De kantonrechter heeft de kosten van de procedure begroot op € 690,- en deze verhaald op de verwerende partijen.