De vrouw vordert na eiswijziging – samengevat – dat de voorzieningenrechter bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
Verkoop:
I. de man veroordeelt om binnen zeven dagen na betekening van het vonnis volledige medewerking te verlenen aan de verkoop en levering van de woningen aan de [adres 1] en [adres 2] ,
subsidiairde woning aan de [adres 2] , op straffe van een dwangsom, waarbij onder deze medewerking onder andere doch niet uitsluitend wordt begrepen de volgende (rechts)handelingen:
a. het geven van een opdracht aan een NVM-makelaar om de woning(en) te verkopen, waarbij de vrouw drie namen van NVM-makelaars aan de man doorgeeft en de man binnen een week daarna één makelaar daarvan dient te kiezen;
b. het verrichten van alle activiteiten en handelingen door de makelaar en de vrouw die voor de (uiteindelijke) verkoop van de woning(en) dienstig zijn, in welk kader ook door de man dient te worden geduld dat er bezichtigingen plaatsvinden;
c. het verkopen van de woning(en), die voor een door de makelaar te bepalen marktconform bedrag te koop zal worden aangeboden;
d. het opvolgen van alle adviezen van de makelaar, waaronder met betrekking tot het eventueel wijzigen van de verkoopprijs en het wel of niet aanvaarden van een uitgebracht bod;
e. het sluiten van de koopovereenkomst(en) met de kopende partij(en);
althans, de gevorderde volledige medewerking zodanig vorm te geven en ingaande op een zodanige datum als de voorzieningenrechter in goede justitie zal vermenen te behoren;
II. zodra de maximale dwangsom is bereikt, de vrouw machtigt om
primairde woningen aan de [adres 1] en [adres 2] ,
subsidiairom de woning aan de [adres 1] , te gelde te maken (verkoop en levering) en vanuit de verkoopopbrengst van de woning(en) zoveel mogelijk de hypothecaire geldlening te voldoen, waarbij onder de machtiging onder andere doch niet uitsluitend worden begrepen de (rechts)handelingen genoemd onder I. onder a. tot en met e.;
III. bepaalt dat voor zover nodig het door de voorzieningenrechter te wijzen vonnis op grond van artikel 3:300 lid 2 BW in de plaats zal treden van een akte als bedoeld in die wetsbepaling, althans op grond van artikel 3:300 BW een vertegenwoordiger aanwijst die voor de man rechtshandelingen kan verrichten die noodzakelijk zijn voor de verkoop en levering van de woning(en) aan een derde;
IV. de man veroordeelt tot het verlenen van zijn medewerking aan de verkoop
primairaan de woningen aan de [adres 1] en [adres 2] ,
subsidiairde woning aan de [adres 2] , waaronder - indien nodig - het toelaten van verkoopborden aan de woning(en), het toelaten van het plaatsen van advertenties, het mogelijk maken van bezichtigingen, het toonbaar houden en representatief eruit laten zien van de woning(en);
V. de man beveelt de woning(en) gelegen aan
primairde [adres 1] en [adres 2] ,
subsidiairde [adres 2] , te verlaten uiterlijk zeven dagen voordat de levering aan de kopende partij zal plaatsvinden, na betekening van het vonnis;
VI. de man verbiedt de woning(en) gelegen aan
primairde [adres 1] en [adres 2] ,
subsidiairde [adres 2] na ommekomst van de periode genoemd onder V. te betreden;
VII. de man beveelt om de sleutels van de woning gelegen aan
primairde [adres 1] en [adres 2] ,
subsidiairde [adres 2] , na het verstrijken van de periode onder V. aan de vrouw te overhandigen, na betekening van het vonnis;
VIII. al de voorgaande vorderingen onder IV. tot en met VII. onder verbeurte van een dwangsom;
Overwaarde:
IX.
primairbeveelt dat van de overwaarde van de woningen aan de [adres 1] en [adres 2] , 44,7% aan de vrouw en 55,3% aan de man wordt overgemaakt, steeds direct na levering van een woning aan een derde;
dan wel beveelt dat van de overwaarde van de woningen aan de [adres 1] en [adres 2] , 50% aan de vrouw en 50% aan de man wordt overgemaakt, steeds direct na levering van een woning aan een derde;
X.
subsidiair,voor het geval de voorzieningenrechter oordeelt dat enkel de woning aan de [adres 2] dient te worden verkocht, beveelt dat van de overwaarde van de woning aan de [adres 2] de hypothecaire geldleningen van de woningen aan de [adres 2] en [adres 1] dienen te worden afgelost;
en
primairde helft van de resterende overwaarde van de woning aan de [adres 2] naar de vrouw wordt overgemaakt, vermeerderd met € 35.000,-;
subsidiairde helft van de resterende overwaarde van de woning aan de [adres 2] naar de vrouw wordt overgemaakt, vermeerderd met een door de voorzieningenrechter te bepalen voorschot op de uiteindelijke verdeling in de echtscheidingsprocedure;
meer subsidiairde helft van de resterende overwaarde van de woning aan de [adres 2] naar de vrouw wordt overgemaakt en de andere helft van de overwaarde in depot onder de notaris dient te worden gehouden.