Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.[gedaagde sub 1] ,
1.De procedure
- de dagvaarding van 7 oktober 2025, met producties 1-11;
- de mondelinge behandeling van 20 oktober 2025, waarvan door de griffier aantekeningen
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak heeft de Raphaëlstichting, een stichting gevestigd in Schoorl, een kort geding aangespannen tegen gedaagden die verblijven in een pand dat eigendom is van de stichting. De stichting vordert ontruiming van het pand, omdat gedaagden hun verplichtingen uit een bruikleenovereenkomst niet zijn nagekomen. De bruikleenovereenkomst is op 15 juli 2025 gesloten, maar in augustus 2025 constateerde de stichting dat er ernstige schade aan het pand was aangericht, waaronder vernielingen en het onbruikbaar maken van de brandmeldinstallatie. Dit leidde tot het vervallen van de opstalverzekering, waardoor de stichting een groot risico liep op onverzekerde schade. De stichting heeft de bruikleenovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden en vordert nu ontruiming van het pand.
Tijdens de mondelinge behandeling op 20 oktober 2025 zijn gedaagden niet verschenen. De voorzieningenrechter heeft de vorderingen van de Raphaëlstichting toegewezen, omdat deze spoedeisend zijn en niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen. De gevorderde ontruimingskosten en dwangsom zijn echter afgewezen, omdat deze niet voldoende onderbouwd waren. De voorzieningenrechter heeft gedaagden hoofdelijk veroordeeld om binnen vier dagen na betekening van het vonnis het pand te verlaten en de proceskosten te betalen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is op 27 oktober 2025 uitgesproken door mr. A.E. Merkus.