Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2025:13484

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
6 november 2025
Publicatiedatum
20 november 2025
Zaaknummer
11698056 \ CV EXPL 25-1346
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 88 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering wegens ontbreken overeenkomst van opdracht en niet-verschijnen partijen

MKBrecht vordert betaling van € 736,29 plus rente en buitengerechtelijke kosten van [gedaagde] wegens werkzaamheden die zij stelt te hebben verricht op basis van een overeenkomst van opdracht. [gedaagde] betwist het bestaan van een overeenkomst en ontkent dat werkzaamheden zijn uitgevoerd.

Ondanks juiste uitnodiging verschenen beide partijen niet op de zitting. De kantonrechter leidt uit het niet verschijnen af dat MKBrecht het verweer van [gedaagde] niet meer betwist en onvoldoende bewijs heeft geleverd voor het bestaan van een overeenkomst.

De overgelegde opdrachtbevestiging wordt niet als voldoende bewijs gezien, mede omdat [gedaagde] de ontvangst gemotiveerd heeft weersproken en MKBrecht hier niet op heeft gereageerd. De vordering wordt daarom afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing.

MKBrecht wordt veroordeeld in de proceskosten van € 202,50, te vermeerderen met kosten van betekening indien niet tijdig betaald. Het vonnis is gewezen door kantonrechter H. de Jong en juridisch adviseur/griffier S.C. Jacobs op 6 november 2025.

Uitkomst: De vordering wordt afgewezen wegens het ontbreken van bewijs voor het bestaan van een overeenkomst van opdracht.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zaanstad
Zaaknummer: 11698056 \ CV EXPL 25-1346 (SJ)
Vonnis van 6 november 2025 (bij vervroeging)
in de zaak van
MKBRECHT.NL RECHTSHULP B.V.,
te Rotterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: MKBrecht,
procederend in persoon,
tegen
[gedaagde],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. A.J. Engelsma.
De zaak in het kort
In deze zaak zijn partijen, zonder afbericht, niet op de zitting verschenen. Uit het niet verschijnen heeft de kantonrechter afgeleid dat eiser, op wie de stelplicht en de bewijslast ligt, het verweer van gedaagde dat er geen overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen, niet (meer) betwist. Ook overigens heeft eiser niet aangetoond dat partijen een overeenkomst van opdracht hebben gesloten. De vordering is afgewezen wegens een gebrek aan onderbouwing.

1.De procedure

1.1.
MKBrecht heeft bij dagvaarding van 23 april 2025 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord.
1.2.
In het tussenvonnis van 31 juli 2025 is bepaald dat een mondelinge behandeling zal plaatsvinden op 30 oktober 2025.
1.3.
Op 30 oktober 2025 zijn beide partijen, zonder afbericht, niet verschenen op de zitting.

2.De feiten

2.1.
MKBrecht is een onderneming die juridische diensten aanbiedt, zoals het opstellen van overeenkomsten en voorwaarden.
2.2.
[gedaagde] stelt taxi’s ter beschikking ten behoeve van chauffeurs.
2.3.
Op 15 oktober 2024 heeft MKBrecht aan [gedaagde] een factuur van € 736,29 inclusief btw gestuurd in verband met het opstellen van algemene voorwaarden in concept en het raadplegen van bedrijfsgegevens in de KvK.

3.Het geschil

3.1.
MKBrecht vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van € 736,29, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 25 oktober 2024 tot de dag van algehele betaling, en € 110,44 aan buitengerechtelijke kosten. MKBrecht vordert ook dat [gedaagde] in de proceskosten wordt veroordeeld. MKBrecht wil de mogelijkheid krijgen om het vonnis meteen uit te voeren, ook als er hoger beroep wordt ingesteld.
3.2.
MKBrecht stelt dat zij op basis van een overeenkomst van opdracht van 15 oktober 2024 werkzaamheden voor [gedaagde] heeft verricht. Verder stelt MKBrecht dat zij [gedaagde] herhaaldelijk heeft verzocht om te betalen, dat Savic de vordering toen niet heeft betwist, maar dat hij desondanks de factuur onbetaald laat.
3.3.
[gedaagde] voert aan dat MKBrecht spontaan haar diensten heeft aangeboden en in zoverre is er contact geweest tussen partijen. [gedaagde] betwist echter dat hij MKBrecht een opdracht heeft gegeven. De opdrachtbevestiging is hem niet bekend. Verder ontkent [gedaagde] dat MKBrecht werkzaamheden voor hem heeft uitgevoerd.

4.De beoordeling

4.1.
MKBrecht, [gedaagde] en zijn gemachtigde zijn, ondanks dat zij daarvoor op de juiste wijze zijn uitgenodigd, niet ter zitting verschenen.
4.2.
Uit het niet verschijnen ter zitting kan de kantonrechter op grond van artikel 88, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) de gevolgtrekkingen maken die zij geraden acht.
4.3.
De kantonrechter leidt uit het niet verschijnen door MKBrecht af dat MKBrecht, op wie in dit geval de stelplicht en de bewijslast ligt, het verweer van [gedaagde] dat hij MKBrecht geen opdracht heeft gegeven en er dus geen overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen, niet (meer) betwist. Ook overigens heeft MKBrecht niet aangetoond dat partijen een overeenkomst van opdracht hebben gesloten. De door MKBrecht overgelegde opdrachtbevestiging acht de kantonrechter daartoe op zichzelf niet toereikend, gelet op de betwisting door [gedaagde] dat een overeenkomst is gesloten. [gedaagde] heeft de ontvangst van de opdrachtbevestiging bovendien gemotiveerd weersproken en MKBrecht heeft daar verder niets tegenin gebracht. De vordering zal worden afgewezen wegens een gebrek aan onderbouwing.
4.4.
MKBrecht is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
135,00
(1 punt × € 135,00)
- nakosten
67,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
202,50

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
wijst de vordering af;
5.2.
veroordeelt MKBrecht in de proceskosten van € 202,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als MKBrecht niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.
Dit vonnis is gewezen door mr. H. de Jong, kantonrechter, in samenwerking met
mr. S.C. Jacobs, juridisch adviseur/griffier, en in het openbaar uitgesproken op 6 november 2025.
de griffier de rechter