De vennootschap onder firma [naam 1] c.s. vorderde terugbetaling van cursusgeld nadat een basiscursus Micro Solderen niet doorging. De cursus was geboekt en betaald, maar werd geannuleerd zonder redelijk alternatief. [bedrijf 1] stelde dat de overeenkomst was ontbonden en vorderde betaling van het cursusgeld.
De kantonrechter stelde vast dat het verzet van [naam 1] c.s. tijdig was ingesteld en dat zij ontvankelijk waren, ondanks uitschrijving uit het handelsregister. Vervolgens werd onderzocht of [bedrijf 1] ontvankelijk was in haar vordering. Uit stukken bleek dat de feitelijke contractspartij [naam 2] was, die de overeenkomst online had ingevuld en betaald. [bedrijf 1] was abusievelijk als eisende partij genoemd.
De kantonrechter oordeelde dat rectificatie van de eisende partij niet mogelijk was omdat [naam 1] c.s. niet redelijkerwijs hadden kunnen begrijpen dat sprake was van een vergissing. Daarom werd [bedrijf 1] niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering. Het verstekvonnis werd vernietigd en [bedrijf 1] werd veroordeeld in de proceskosten van het verzet.