In deze zaak hebben zes passagiers een verzoek ingediend tegen de vervoerder EasyJet Europe Airline GmbH, naar aanleiding van de annulering van hun vlucht van Marco Polo Airport naar Amsterdam-Schiphol op 21 juli 2024. De passagiers vorderden compensatie op basis van de Europese Verordening (EG) nr. 261/2004, die hen recht geeft op compensatie bij annulering van een vlucht. De vervoerder heeft de annulering van de vlucht verdedigd door te stellen dat deze het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk vertragingen door luchtverkeersleiding en de Amsterdamse avondklok. De kantonrechter heeft vastgesteld dat de vervoerder voldoende heeft aangetoond dat de annulering het gevolg was van deze omstandigheden, waardoor de compensatie voor de annulering werd afgewezen. Echter, de kantonrechter heeft wel de door de passagiers gemaakte hotelkosten van € 279,63 toegewezen, omdat deze niet door de vervoerder waren betwist. De wettelijke rente over deze kosten werd toegewezen vanaf 22 dagen na de datum van verzuim. Daarnaast zijn de buitengerechtelijke incassokosten tot het wettelijke tarief van € 50,75 toegewezen. De proceskosten zijn voor rekening van de passagiers, omdat zij grotendeels in het ongelijk zijn gesteld. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders verzochte is afgewezen.