Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige douanekamer van 30 oktober 2025 in de zaak tussen
[eiseres] GmbH, gevestigd te [vestigingsplaats] (Duitsland), eiseres
de inspecteur van de Douane, verweerder.
Procesverloop
9 februari 2023 uitgereikt voor een bedrag van € 25.046,08, bestaande uit € 21.540,38 aan definitieve antidumpingrechten en € 3.505,70 aan rente op achterstallen.
haar gemachtigde verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door
Feiten
4 februari 2018 tot en met 15 augustus 2019. Als importeur stond telkens [bedrijf 1] vermeld, als exporteur [bedrijf 3] en als aangegeven exporteur (‘Exporter Declared’) [bedrijf 2] .Ltd. In de meeste gevallen ging het om een hoeveelheid tussen 10.000 en 20.000 kg. In de 53 invoeraangiften die vanaf 4 januari 2019 tot en met
15 augustus 2019 zijn ingediend staat telkens China vermeld als land van oorsprong, in de aangiften uit de periode daarvoor staat ‘not declared’ als land van oorsprong. Op twee aangiften na ligt de haven van vertrek in China (in twee aangiften uit november 2018 ligt de haven van vertrek in Vietnam). OLAF heeft geconcludeerd dat het land van oorsprong China is.
“From the checks conducted by the Belgian Customs and by OLAF during the selection phase, it appears that a certain Mr [naam 3] has had either an ownership or a senior management role in the above mentioned companies [eiseres] GMBH, [bedrijf 2] Ltd. and [bedrijf 1] .Ltd. (…) The ORBIS reports concerning [bedrijf 1] . Ltd, [bedrijf 2] and Mr [naam 3] were included in the original allegation by the Belgian Customs (…).”.
“On 02nd March 2020, Vietnam informed OLAF that Vietnam Chamber of Commerce and Industry (VCCI) did issue 53 C/O form A for the aluminium foil (…) exported tot the EU for [bedrijf 1] (…).
Through the post verification on 08th March 2019, VCCI found that the company falsified the value-added invoice for the purchase of aluminum ingots in the dossiers of C/O application documents. At the verification visit, the company did not have lines or machines to produce aluminum foil (HS 7607.11) from aluminum ingots. The company had only one machine to cut the jumbo aluminum rolls into the small aluminum rolls. Therefore, the aluminium foil product that this company declared to meet the EU GSP rules of origin is a commercial fraudulent act of origin of goods.
(…) VCCI also informed the EU to revoke the C/Os issued for the company.
(…)
Vietnam acknowledges that the Chinese aluminium foil is imposed the anti-dumping duty by the EU. However, there is no foundation to conclude that the purpose of the manufacturing process in this case was to avoid the above anti-dumping duty.”
Geschil
Juridisch kader
Beoordeling van het geschil
22 december 2016 [1] ). Dit is niet in strijd met het Unierecht [2] , en ook uit de jurisprudentie van de Hoge Raad volgt niet dat in dezen op verweerder een zwaardere bewijslast zou rusten.
ingrijpendebe- of verwerking al dan niet economisch verantwoord is. Nu de rechtbank van oordeel is dat de bewerking in Vietnam, zo deze al heeft plaatsgevonden, niet ingrijpend is, is de economische verantwoording van deze bewerking niet relevant. Een oorsprongverlenende be- of verwerking in de zin van artikel 60, tweede lid, van het DWU, is namelijk zowel ingrijpend als economisch verantwoord.
Ten overvloede merkt de rechtbank op dat verweerder zijn stelling dat de be- of verwerking van de aluminiumfolie in Vietnam tot doel had de antidumpingmaatregelen te vermijden niet aannemelijk heeft gemaakt.
4 februari 2018 tot en met 15 augustus 2019 overgelegd. Daaruit blijkt dat in die periode drie à vier keer per maand door [bedrijf 1] aangifte is gedaan voor de invoer in Vietnam van aluminiumfolie. In de (53) invoeraangiften van gemiddeld 12.000 kilogram per keer uit de periode van 4 januari 2019 tot en met 15 augustus 2019 is steeds China vermeld als Country of Origin. Gelet op de gestage stroom relatief kleine hoeveelheden aluminiumfolie die [bedrijf 1] heeft ingevoerd, acht de rechtbank aannemelijk dat de aangifte van 27 juni 2019 van de invoer in Nederland van 18.990,88 kg aluminiumfolie betrekking heeft op aluminiumfolie die in de voorafgaande maanden in Vietnam is ingevoerd en waarbij China is vermeld als Country of Origin. Het is aan eiseres om het tegendeel aannemelijk te maken. De rechtbank merkt hierbij op dat de manager van eiseres ook verbonden is aan [bedrijf 1] zodat zij geacht kan worden de daarvoor relevante gegevens te kunnen verstrekken. Overigens acht de rechtbank aannemelijk dat de aluminiumfolie uit de gestage stroom van zendingen afkomstig uit Chinese havens in 2018, waarin bij ‘Country of Origin’ geen land staat ingevuld, eveneens van Chinese oorsprong is geweest. Er is geen enkele aanwijzing dat die uit Chinese havens verzonden aluminiumfolie een andere oorsprong zou hebben. De stelling van eiseres, dat bij twee van die invoeraangiften de vertrekhaven in Vietnam zou hebben gelegen, maakt dat voor de onderhavige aangifte niet anders.
Conclusie
Beslissing
mr. drs. C.M. van Wechem, leden, in aanwezigheid van mr. W.G. van Gastelen, griffier.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 oktober 2025.