ECLI:NL:RBNHO:2025:11767
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag over minderjarigen in het belang van de kinderen
In deze zaak heeft de rechtbank Noord-Holland op 13 oktober 2025 uitspraak gedaan over het verzoek van de vader om het gezamenlijk gezag over zijn minderjarige kinderen te beëindigen. De vader, bijgestaan door zijn advocaat mr. J.H. Prins, heeft aangevoerd dat de moeder, die psychische problemen en een drankprobleem heeft, niet in staat is om op een verantwoorde manier gezagsbeslissingen te nemen. De moeder heeft ingestemd met het verzoek van de vader, maar was niet aanwezig op de zitting. De rechtbank heeft vastgesteld dat er sprake is van gewijzigde omstandigheden die het noodzakelijk maken om het gezamenlijk gezag te beëindigen. De kinderen verblijven bij de vader en de rechtbank oordeelt dat het in het belang van de kinderen is dat de vader alleen het gezag uitoefent. De rechtbank heeft de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat de vader onmiddellijk het gezag over de kinderen alleen uitoefent, ondanks mogelijke hoger beroep.