ECLI:NL:RBNHO:2024:8825
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar bijzondere bijstand wegens ontbreken publiekrechtelijke rechtshandeling
Eiser diende een aanvraag in voor bijzondere bijstand en ontving een brief van verweerder waarin om aanvullende bewijsstukken werd gevraagd. Eiser diende een bezwaarschrift in tegen deze brief. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het verzoek om aanvullende gegevens geen besluit in de zin van de Awb is.
De rechtbank beoordeelde het beroep en oordeelde dat het verzoek om aanvullende gegevens geen publiekrechtelijke rechtshandeling is, aangezien het niet gericht is op een rechtsgevolg. Het bezwaar tegen deze brief kon daarom terecht niet-ontvankelijk worden verklaard.
Eiser voerde aan geen ervaring met procederen te hebben en de Nederlandse taal niet te beheersen, maar verweerder stelde dat eiser meerdere procedures voert en goed gebruikmaakt van rechtsbijstand. De rechtbank vond het beroep ongegrond en wees terugbetaling van griffierecht en vergoeding van proceskosten af.
De uitspraak werd gedaan door rechter W.B. Klaus en griffier M.E. Kleijn op 29 augustus 2024. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.