De kinderrechter van Rechtbank Noord-Holland heeft op 6 juni 2024 besloten tot ondertoezichtstelling van de minderjarige voor de duur van een jaar en verleende een machtiging tot uithuisplaatsing voor zes maanden in een netwerkpleeggezin. Dit besluit volgt op eerdere voorlopige maatregelen en spoedmachtigingen vanwege ernstige zorgen over de psychische gesteldheid van de moeder en de onstabiele situatie van de vader.
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht deze maatregelen omdat de ouders momenteel niet in staat zijn de noodzakelijke zorg en stabiliteit te bieden. De moeder is psychisch onstabiel en vertoonde meerdere psychotische episodes, waardoor zij niet adequaat voor de minderjarige kan zorgen. De vader is recent positiever in beeld gekomen maar nog niet in staat de zorg op zich te nemen.
De minderjarige verblijft sinds kort bij een tante aan vaderszijde, een netwerkpleeggezin, wat positief wordt beoordeeld. De kinderrechter benadrukt het belang van frequente en veilige omgang met de ouders voor de hechting en wijst op de noodzaak dat de gecertificeerde instelling de ontwikkeling en oudercontacten blijft monitoren. Het besluit is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten.