ECLI:NL:RBNHO:2024:5458
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling aftrek studiekosten en personeelskosten bij winst uit onderneming
Eiseres, werkzaam als zelfstandig ondernemer, bracht in haar aangifte inkomstenbelasting 2019 diverse personeelskosten, waaronder studiekosten van haar kinderen, fitnesskosten en overige kosten, in aftrek op de winst uit onderneming. Verweerder liet deze kosten niet toe bij de aanslag en handhaafde dit bij bezwaar. De rechtbank oordeelt dat de studiekosten en fitnesskosten niet zakelijk zijn gemotiveerd en onvoldoende onderbouwd, en dat de overige kosten onbekend zijn gebleven, waardoor deze niet in aftrek kunnen worden gebracht.
De rechtbank laat een nieuw standpunt van verweerder dat interne compensatie van treinkosten zou moeten plaatsvinden buiten beschouwing wegens strijd met de goede procesorde. Wel wordt het treinabonnement van de dochter ten laste van de winst uit onderneming toegelaten. Hierdoor wordt het belastbaar inkomen uit werk en woning verminderd. De belastingrente wordt dienovereenkomstig aangepast en het betaalde griffierecht wordt aan eiseres vergoed.
De uitspraak benadrukt het belang van zakelijke motieven en voldoende bewijs voor aftrekposten binnen de winst uit onderneming en bevestigt dat persoonlijke kosten, zoals studiekosten zonder direct zakelijk verband, niet aftrekbaar zijn.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting wordt verminderd met toegelaten treinkosten.