Partijen, die een affectieve relatie hadden die eind 2022 is geëindigd, hebben een minderjarig kind. De vader verzoekt gezamenlijk gezag, een zorgregeling en een kinderbijdrage vast te stellen. Hoewel partijen nooit samen op één adres stonden, oordeelt de rechtbank dat zij in gezinsverband hebben samengeleefd.
De rechtbank wijst het verzoek tot gezamenlijk gezag af omdat partijen dit zelf online zullen regelen. Over de zorgregeling bereiken partijen overeenstemming: het kind verblijft om de veertien dagen van zaterdag 10.00 uur tot zondag 18.30 uur bij de vader, met aanvullende afspraken over vakanties en feestdagen.
De kinderbijdrage wordt berekend op basis van het huidige inkomen van de vader, waarbij rekening wordt gehouden met de woonlasten en draagkracht. De rechtbank stelt de bijdrage vast op €223 per maand, met ingang van de datum van de beschikking, en wijst het meer of anders verzochte af.