ECLI:NL:RBNHO:2024:4045
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in growshopzaak wegens ontbreken wetenschap van hennepteeltbestemming
Op 10 november 2021 trof de politie bij het bedrijf van de verdachte stoffen en voorwerpen aan die bestemd waren voor grootschalige hennepteelt. De verdachte stond als eigenaar geregistreerd, maar haar rol was beperkt tot administratieve werkzaamheden en schoonmaken. De in- en verkoop werd door haar echtgenoot, de medeverdachte, verzorgd.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte wist of ernstige reden had te vermoeden dat de aangetroffen stoffen en voorwerpen voor hennepteelt bestemd waren. Zij had weinig zicht op de bedrijfsvoering, mede door gezondheidsproblemen, en werd niet gezien bij het bedrijf tijdens observaties. De administratie bood geen aanwijzingen voor haar wetenschap van de illegale bestemming.
De medeverdachte werd wel veroordeeld voor het verkopen van deze stoffen en voorwerpen. De rechtbank sprak de verdachte vrij omdat haar betrokkenheid onvoldoende was om wetenschap of vermoeden van de hennepteeltbestemming aan te nemen.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Noord-Holland op 24 april 2024 na een openbare terechtzitting op 10 april 2024.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs dat zij wist of ernstige reden had te vermoeden dat stoffen en voorwerpen bestemd waren voor hennepteelt.