ECLI:NL:RBNHO:2024:3092

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
28 maart 2024
Publicatiedatum
28 maart 2024
Zaaknummer
C/15/348194 / HA RK 24-5
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:299 BWArt. 995 lid 3 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot aanvulling bestuur van stichting wegens vacature na echtscheiding

Verzoeker heeft de rechtbank verzocht hem te benoemen tot bestuurslid van de stichting, omdat het bestuur momenteel ontbreekt. Dit ontstond nadat zijn ex-echtgenote, die het enige bestuurslid was, haar werkzaamheden neerlegde en zich uitschreef als bestuurder bij de Kamer van Koophandel. Verzoeker zet sindsdien de werkzaamheden van de stichting alleen voort.

De rechtbank heeft het verzoekschrift ontvangen op 17 januari 2024 en heeft partijen schriftelijk geïnformeerd over het voornemen de zaak zonder mondelinge behandeling af te doen. Verzoeker heeft geen bezwaar gemaakt tegen deze procedure, terwijl de stichting niet heeft gereageerd.

De rechtbank heeft het verzoek getoetst aan artikel 2:299 BW Pro en geconstateerd dat het verzoek gegrond is. Er zijn geen bezwaren tegen de benoeming van verzoeker als bestuurslid. Daarom heeft de rechtbank besloten verzoeker te benoemen tot bestuurslid van de stichting, waarmee het bestuur weer is aangevuld.

Uitkomst: Verzoeker wordt benoemd tot bestuurslid van de stichting om het bestuur aan te vullen.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
Zittingsplaats Haarlem
zaaknummer / rekestnummer: C/15/348194 / HA RK 24-5
Beschikking van 28 maart 2024
in de zaak van
[verzoeker],
wonende te [plaats],
verzoeker,
advocaat mr. G.H.G. Reitsma-van Riel te Amsterdam,
en
de stichting
[stichting],
statutair gevestigd te gemeente [gemeente],
belanghebbende.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met drie bijlagen, ontvangen door de rechtbank op 17 januari 2024,
- de brieven van de rechtbank van 13 en 15 februari 2024,
- de e-mail van 26 februari 2024 van de advocaat van verzoeker.
1.2.
De beschikking is bepaald op vandaag.

2.De beoordeling

2.1.
Het verzoekschrift strekt tot de vervulling van de ledige plaats in het bestuur van de [stichting] (hierna: de stichting) in de zin van artikel 2:299 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW).
2.2.
Verzoeker heeft aan zijn verzoek ten grondslag gelegd dat hij samen met zijn ex-echtgenote mevrouw [betrokkene] (hierna: [betrokkene]) gezamenlijk werkzaamheden uitvoerde voor de stichting. Daarbij heeft verzoeker zich steeds beziggehouden met de dagelijkse leiding over de stichting en de begeleiding van de deelnemers in de dagbesteding en was [betrokkene] verantwoordelijk voor de administratieve werkzaamheden van de stichting. Bij oprichtingsakte van 7 september 2016 is [betrokkene] benoemd tot (enig) bestuurslid van de stichting.
2.3.
Vanwege de echtscheiding tussen verzoeker en [betrokkene], heeft [betrokkene] haar werkzaamheden voor de stichting per april 2023 neergelegd. Daarbij heeft [betrokkene] zich uitgeschreven als bestuurder van de stichting bij de Kamer van Koophandel en heeft zij per abuis verzuimd verzoeker in te schrijven als haar opvolgend bestuurder, zodat het bestuur van de stichting thans ontbreekt. Omdat verzoeker de werkzaamheden van de stichting sindsdien (alleen) voortzet, verzoekt hij de rechtbank om hem tot bestuurder van de stichting te benoemen.
2.4.
Bij het verzoekschrift zijn overgelegd:
  • een afschrift van de oprichtingsakte met daarin de eerste statuten van de stichting,
  • een uittreksel uit het Handelsregister,
  • een schriftelijke verklaring van [betrokkene] waaruit volgt dat zij akkoord is met de benoeming van verzoeker als bestuurslid van de stichting.
2.5.
De rechtbank gelast in ieder geval de oproeping van de rechtspersoon op grond van artikel 995 lid 3 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Bij brieven van 13 en 15 februari 2024 heeft de rechtbank aan de stichting en verzoeker medegedeeld voornemens te zijn het verzoek zonder mondelinge behandeling schriftelijk af te doen. Daarbij is aan hen verzocht om de rechtbank uiterlijk binnen veertien dagen te berichten of zij tegen dat voornemen van de rechtbank bezwaar hebben. Aangekondigd is dat de rechtbank er – bij gebreke van een tijdige reactie – van uitgaat dat de belanghebbenden geen bezwaar hebben tegen het verzoek en / of het voornemen van de rechtbank de zaak zonder mondelinge behandeling schriftelijk af te doen. Per e-mail van 26 februari 2024 heeft de advocaat van verzoeker de rechtbank geïnformeerd geen bezwaar te hebben tegen het voornemen van de rechtbank om de zaak schriftelijk af te doen. Een (tijdige) reactie van de stichting is uitgebleven.
2.6.
Het verzoek is op de wet gegrond en van bezwaren daartegen is niet gebleken, zodat het zal worden toegewezen. De rechtbank zal verzoeker benoemen tot bestuurslid van de stichting.

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
benoemt de heer
[verzoeker],
wonende te [plaats] aan de [adres 1],
tot bestuurslid van:
de [stichting],
statutair gevestigd te gemeente [gemeente],
met als bezoekadres [adres 2] [plaats].
Deze beschikking is gegeven door mr. M.A.J. Berkers en in het openbaar uitgesproken op 28 maart 2024.