ECLI:NL:RBNHO:2024:280
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-handhavend optreden watervergunning werkzaamheden duingebied
Verzoekster vorderde een voorlopige voorziening om werkzaamheden van PWN in het Schoorlse- en Noordhollands Duingebied stil te leggen wegens het ontbreken van een watervergunning. Verweerder, het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, had het handhavingsverzoek afgewezen omdat er geen overtreding zou zijn.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er ten tijde van het besluit wel sprake was van een overtreding van artikel 3.2 van de toen geldende Keur, omdat zonder vergunning werkzaamheden in beschermingszone A waren uitgevoerd. Echter, verweerder mocht afzien van handhaving omdat er concreet zicht was op legalisatie door een ingediende vergunningaanvraag. Inmiddels was de watervergunning verleend, waarmee de werkzaamheden in kernzone en beschermingszone A zijn gelegaliseerd, behalve het afvoeren van zand uit deze zones.
Voor werkzaamheden in beschermingszone B was geen vergunning nodig, waardoor het handhavingsverzoek voor die zone terecht werd afgewezen. Verzoekster's vrees voor verzwakking van de waterkering werd erkend, maar onvoldoende om handhaving af te dwingen. De voorzieningenrechter concludeerde dat het bezwaar tegen het niet-handhavend optreden geen redelijke kans van slagen heeft en wees het verzoek af.
Tot slot benadrukte de voorzieningenrechter dat van een professionele partij als PWN verwacht mag worden dat alle vergunningen zijn verleend voordat met werkzaamheden wordt begonnen, om onnodige spoedprocedures te voorkomen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet-handhavend optreden is afgewezen.