Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 13 maart 2024
- de verstekverlening tegen [gedaagde].
Rechtbank Noord-Holland
De huurder exploiteerde illegaal een seksbedrijf in de gehuurde woning, wat op 19 december 2023 werd vastgesteld door het Prostitutiecontroleteam van de gemeente. De burgemeester besloot daarop de woning met spoedeisende bestuursdwang voor drie maanden te sluiten.
De verhuurder ontbond de huurovereenkomst buitengerechtelijk op grond van artikel 7:231 lid 2 BW Pro vanwege dit bestuursbesluit en vorderde ontruiming van de woning. De huurder verscheen niet in de procedure.
De kantonrechter oordeelde dat de buitengerechtelijke ontbinding gegrond en proportioneel was, omdat de woning niet als hoofdverblijf werd gebruikt en het belang van de verhuurder zwaarder woog dan dat van de huurder. De ontruiming werd binnen acht dagen bevolen, met proceskostenveroordeling tegen de huurder.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning na buitengerechtelijke ontbinding van de huurovereenkomst wegens illegale exploitatie van een seksbedrijf.