De rechtbank Noord-Holland heeft op 19 december 2024 uitspraak gedaan in een zaak betreffende vier ondertoezichtgestelde minderjarigen, waarbij de gecertificeerde instelling (GI) De Jeugd- & Gezinsbeschermers verzocht om bekrachtiging van een schriftelijke aanwijzing aan de moeder en vervangende toestemming voor medische behandelingen.
De moeder oefent het ouderlijk gezag uit maar werkt niet mee aan de ondertoezichtstelling en weigert toestemming voor noodzakelijke medische behandelingen. De kinderen verblijven in gezinshuizen en staan stil in hun ontwikkeling, mede door de problematiek van de moeder die niet communiceert met de GI en de hulpverlening belemmert. De GI heeft een schriftelijke aanwijzing gegeven met duidelijke gedragsregels en afspraken, maar de moeder heeft deze niet opgevolgd.
De kinderrechter heeft de schriftelijke aanwijzing bekrachtigd omdat de moeder niet meewerkt en de ontwikkeling van de kinderen daardoor wordt bedreigd. Tevens is vervangende toestemming verleend voor traumabehandelingen en diagnostiek bij de kinderen, omdat zonder deze behandeling ernstig gevaar voor hun gezondheid bestaat. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.