De minderjarige is sinds 2020 onder toezicht gesteld vanwege de problematische thuissituatie veroorzaakt door de verslavingsproblematiek van de ouders. De moeder volgt een intensief behandeltraject en verblijft in een voorziening voor begeleid wonen, terwijl de vader recentelijk een terugval heeft gehad na een start van behandeling.
De minderjarige verblijft deels bij haar grootouders, die vanwege hun leeftijd niet voor langere tijd voor haar kunnen zorgen, en deels bij een ander pleeggezin in de buurt. De GI verzoekt verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing voor een jaar om de ontwikkeling van de minderjarige te monitoren en het perspectief op terugkeer naar de ouders te onderzoeken.
De kinderrechter oordeelt dat de wettelijke criteria voor verlenging zijn vervuld en dat het belang van de minderjarige vraagt om continuering van de maatregelen. Het contact met de ouders wordt beperkt en gestructureerd om overprikkeling te voorkomen. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden.