De minderjarige verblijft sinds februari 2024 in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die haar ontwikkeling belemmeren. De kinderrechter had eerder een ondertoezichtstelling en machtiging gesloten jeugdhulp verleend, welke nu verlengd wordt tot mei 2025.
De Raad voor de Kinderbescherming en de gecertificeerde instelling (GI) rapporteren een voorzichtige positieve ontwikkeling: de minderjarige voelt zich steeds meer vertrouwd binnen de groep, is gestart met school en een bijbaantje, en suïcidepogingen zijn verminderd. Tegelijkertijd blijven er grote zorgen over haar emotieregulatie en neemt automutilatie toe. De moeder lijkt onvoldoende inzicht te hebben in wat helpend is voor haar dochter.
De kinderrechter acht het noodzakelijk dat de minderjarige in de gesloten accommodatie blijft, omdat het risico op weglopen en zelfbeschadiging groot is en een open groep niet passend is vanwege het opgebouwde vertrouwen in de huidige groep. De komende periode zal worden benut om een passende verblijfplek buiten gesloten jeugdhulp te onderzoeken, terwijl de behandeling en schoolgang worden voortgezet.
De machtiging tot gesloten plaatsing wordt verlengd met zes maanden, van 2 november 2024 tot 2 mei 2025. Het verzoek tot meer of anders wordt afgewezen. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.