Uitspraak
1.Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
2.Overwegingen
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Aan betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd waartegen beroep is ingesteld bij de officier van justitie. Deze kende een proceskostenvergoeding toe, waartegen betrokkene opnieuw beroep instelde bij de kantonrechter. De kern van het geschil betrof de hoogte van de proceskostenvergoeding en de vraag of sprake was van samenhang met andere zaken.
De gemachtigde van betrokkene stelde dat de zaak niet samenhangend was met de andere achttien zaken vanwege verschillende feitcodes, feitencomplexen en pleeglocaties. De officier van justitie stelde dat de zaken terecht als samenhangend werden beschouwd vanwege identieke beroepen en gelijktijdige gegrondverklaring zonder hoorzitting.
De kantonrechter oordeelde dat de zaak samenhang vertoonde met vijftien andere zaken, omdat in al deze zaken een gelijkluidend beroepschrift was ingediend met een identiek standaardverweer, geen nadere gronden werden aangevoerd, geen hoorzitting plaatsvond en de zaken gelijktijdig en om dezelfde reden gegrond werden verklaard. Hierdoor konden de werkzaamheden als nagenoeg identiek worden beschouwd.
De kantonrechter verklaarde het beroep tegen de proceskostenvergoeding ongegrond en wees het verzoek tot vergoeding af. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter A.P. Ploeger en is openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken.
Uitkomst: Het beroep tegen de proceskostenvergoeding wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen.