Uitspraak
1.Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
2.Overwegingen
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Aan betrokkene is een administratieve boete opgelegd wegens het niet voor laten gaan van een voorrangsvoertuig, zoals een ambulance of politievoertuig, op de snelweg A8. Betrokkene heeft hiertegen beroep ingesteld, stellende dat hij geen voorrangsvoertuig achter zich had en dat hij had moeten worden staande gehouden.
De verbalisant verklaarde dat het voertuig van betrokkene gedurende 1,5 kilometer op de linkerrijbaan bleef rijden terwijl de verbalisanten met blauwe zwaailichten en geluidssignalen reden, waardoor zij niet konden passeren. Er waren meerdere mogelijkheden om naar de rechterrijbaan te gaan, maar betrokkene deed dit niet. Door de prio 1 melding was staandehouding niet mogelijk.
De kantonrechter oordeelt dat uit de stukken, met name de verklaring van de verbalisant, voldoende blijkt dat de gedraging heeft plaatsgevonden. Het niet kunnen herinneren door betrokkene weegt niet zwaarder dan de verklaring van de verbalisant. Tevens was er geen reële mogelijkheid tot staandehouding, waardoor de boete terecht aan de kentekenhouder is opgelegd.
De kantonrechter ziet geen reden om de boete te matigen en verklaart het beroep ongegrond. Het verzoek tot proceskostenvergoeding wordt afgewezen. De uitspraak is gedaan door kantonrechter M. Woerdman en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens het niet voor laten gaan van een voorrangsvoertuig wordt ongegrond verklaard.