ECLI:NL:RBNHO:2023:6384
Rechtbank Noord-Holland
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek nadere bevoorschotting in deelgeschil letselschade verkeersongeval
Deze zaak betreft de afwikkeling van de letselschade die eiser stelt te hebben geleden door een verkeersongeval op 27 mei 2018. Eerder zijn reeds meerdere procedures gevoerd, waarbij AIG tot diverse voorschotten werd veroordeeld en ook uit eigen beweging betalingen heeft gedaan, in totaal €169.610 exclusief advocaatkosten.
In dit derde deelgeschil verzoekt eiser om een aanvullend voorschot van €35.750. De rechtbank beoordeelt of het geschil zich leent voor deelgeschilprocedure en of de financiële onderbouwing van eiser toereikend is. Hoewel een deelgeschil geschikt kan zijn voor bevoorschotting, ontbreekt het aan voldoende concrete en objectieve informatie over het verlies aan verdienvermogen, het belangrijkste schadepost. Het lopende arbeidsdeskundig onderzoek is nog niet afgerond.
De rechtbank concludeert dat het verzoek niet kan worden toegewezen omdat niet is vastgesteld dat het vorderingsrecht het reeds betaalde voorschot overstijgt. De nijpende financiële situatie van eiser rechtvaardigt geen aanvullend voorschot binnen deze procedure. De rechtbank wijst het verzoek af en benadrukt dat een bodemprocedure de juiste weg is voor verdere geschilbeslechting.
De kosten van deze deelgeschilprocedure worden begroot op €6.564,50, waarvan AIG wordt veroordeeld tot betaling aan eiser. De rechtbank acht het verzoek niet onnodig of misbruik van procesrecht, maar matigt de door eiser opgevoerde kosten wegens herhaling van eerdere procedures.
Uitkomst: Het verzoek om een aanvullend voorschot wordt afgewezen; AIG wordt veroordeeld tot betaling van de deelgeschilkosten.