Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
a) Ernstige schending verkeersregels
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vorderingen van de benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregel
,komen op grond van de wet in aanmerking voor vergoeding van affectieschade. In hun vorderingen is uitgegaan van het hiervoor bedoelde gefixeerde bedrag. Dit betekent dat de vorderingen van de ouders van [slachtoffer 1] tot vergoeding van affectieschade toewijsbaar zijn.
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
achttien (18) maanden, met bevel dat van deze straf een gedeelte, groot
twaalf (12) maanden,
nietten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat de verdachte voor het einde van de op
drie jarenbepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
vijf (5) jarenmet aftrek overeenkomstig artikel 179, zesde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.