Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Coeo Securitisation Ltd
Rechtbank Noord-Holland
De eisende partij, een buitenlandse rechtspersoon, vordert betaling van een bedrag gebaseerd op een overeenkomst op afstand met een consument. De gedaagde partij is niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De kantonrechter toetst ambtshalve of de handelaar heeft voldaan aan de wettelijke (pre)contractuele informatieplichten zoals voorgeschreven in artikel 6:230m en 6:230v BW. Hoewel de precontractuele informatieplicht is nageleefd, is de contractuele informatieplicht van artikel 6:230v lid 7 BW niet voldoende onderbouwd, met name ontbreekt informatie over contactgegevens.
Gelet op jurisprudentie van het HvJ EU en de Hoge Raad wordt de overeenkomst gedeeltelijk vernietigd voor 25% van de hoofdsom, waarbij ook toepassing wordt gegeven aan bepalingen over oneerlijke handelspraktijken. De buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van aanmaning. De wettelijke rente wordt toegewezen over het toewijsbare bedrag vanaf de dag van dagvaarding. De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 77,13 plus rente en proceskosten.
Uitkomst: De vordering wordt deels toegewezen en de overeenkomst voor 25% van de hoofdsom vernietigd wegens schending van de contractuele informatieplicht.