ECLI:NL:RBNHO:2023:3581
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorwaardelijke invrijheidstelling jeugdige veroordeelde na gewapende overval
De rechtbank Noord-Holland behandelde op 17 januari 2023 het verzoek van een destijds minderjarige veroordeelde tot voorwaardelijke invrijheidstelling ex artikel 6:6:28 Sv Pro. Veroordeelde was in oktober 2020 veroordeeld tot een jeugddetentie van 10 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, voor medeplegen van een gewapende overval waarbij een winkelmedewerker zwaar letsel opliep. Het Hof Amsterdam bevestigde dit vonnis in maart 2021.
Veroordeelde toonde in de periode na de veroordeling een positieve ontwikkeling: hij werkte hard in het familiebedrijf, werd als modelcliënt gezien door jeugdreclassering en werd zelfs door de burgemeester gevraagd als ervaringsdeskundige voor jongeren. Desondanks achtte de officier van justitie het verzoek ongegrond vanwege de ernst van het delict en het leed van het slachtoffer.
De rechtbank erkende de positieve ontwikkeling maar stelde dat de ernst van het feit en de reeds opgelegde straf het uitgangspunt blijven. Er waren geen zwaarwegende redenen om de voorwaardelijke invrijheidstelling toe te kennen. Het verzoek werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot voorwaardelijke invrijheidstelling wordt afgewezen vanwege de ernst van het feit ondanks positieve ontwikkeling.