ECLI:NL:RBNHO:2023:3335
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WIA-uitkering en arbeidsongeschiktheid na medisch en arbeidskundig onderzoek
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om zijn WGA-vervolguitkering niet te wijzigen, omdat zijn arbeidsongeschiktheid volgens hem hoger zou moeten zijn vastgesteld. Na medisch en arbeidskundig onderzoek heeft het UWV het bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld of de mate van arbeidsongeschiktheid van 59,34% op 25 maart 2021 juist is vastgesteld.
De rechtbank oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig is verricht en dat alle klachten en medische informatie van eiser zijn meegenomen. De door eiser ingebrachte aanvullende documenten geven geen aanleiding tot een ander oordeel. De verzekeringsartsen hebben de medische belastbaarheid overtuigend en zonder tegenstrijdigheden gemotiveerd. De arbeidskundige rapporten onderbouwen dat de geduide functies passend zijn en dat de berekende arbeidsongeschiktheid correct is.
De rechtbank wijst erop dat de ervaren klachten van eiser niet zonder medisch objectief bewijs tot een hogere mate van arbeidsongeschiktheid kunnen leiden. De diagnose en beperkingen zijn adequaat beoordeeld. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de WGA-vervolguitkering blijft ongewijzigd. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid om bij verslechtering van zijn gezondheid opnieuw een melding te doen bij het UWV.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de WGA-vervolguitkering blijft ongewijzigd.