Eiseres kreeg op 30 december 2022 een tijdelijk huisverbod opgelegd door de burgemeester van Schagen, samen met een contactverbod met haar echtgenoot en hun drie minderjarige kinderen. Dit besluit was gebaseerd op zorgen van de Raad voor de Kinderbescherming over de veiligheid van de kinderen en incidenten in de woning.
Eiseres stelde dat zij geen ernstig en onmiddellijk gevaar vormde en dat het huisverbod disproportioneel was, mede omdat zij kort in Nederland verbleef en geen toegang meer had tot haar woning en huisraad. De echtgenoot steunde het huisverbod als noodzakelijke afkoelingsperiode.
De rechtbank oordeelde dat het besluit niet zorgvuldig was voorbereid: er was onvoldoende onderzoek gedaan naar de actuele situatie en relevante aspecten, en eiseres was niet gehoord ondanks haar verzoek. Hierdoor was sprake van een schending van de hoorplicht. De rechtbank stelde vast dat eiseres hierdoor benadeeld was en verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en hield de behandeling van het schadevergoedingsverzoek aan om partijen gelegenheid te geven dit in der minne te regelen.