ECLI:NL:RBNHO:2023:1564
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid per 9 september 2020
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om hem per 9 september 2020 geen WIA-uitkering toe te kennen, omdat hij volgens het UWV minder dan 35% arbeidsongeschikt was. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeelt of het UWV terecht heeft geoordeeld dat eiser niet arbeidsongeschikt genoeg is voor een uitkering.
De rechtbank stelt vast dat het medisch en arbeidskundig onderzoek door het UWV zorgvuldig en overtuigend is uitgevoerd. De verzekeringsarts bezwaar en beroep (VABB) heeft de medische belastbaarheid van eiser op 9 september 2020 vastgesteld op 34,41%, waarbij alle klachten en beperkingen, inclusief de licht verstandelijke beperking, zijn betrokken. Eiser heeft aanvullende medische informatie en WMO-voorzieningen ingebracht, maar de rechtbank volgt de VABB in de conclusie dat deze informatie geen aanleiding geeft tot aanpassing van de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
De rechtbank benadrukt dat de criteria voor een WIA-beoordeling verschillen van die voor een WMO-voorziening en dat de beoordeling ziet op de situatie per 9 september 2020. De arbeidsdeskundige bevestigt dat eiser geschikt is voor functies binnen de vastgestelde beperkingen. Gezien deze feiten en de juridische kaders verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigt het besluit van het UWV.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit tot weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd.