ECLI:NL:RBNHO:2023:14191
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering WAO-uitkering wegens niet gemelde werkzaamheden in onderneming partner
Eiser ontvangt een WAO-uitkering met toeslag, berekend op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Verweerder heeft de uitkering en toeslag herzien en teruggevorderd over 2020, omdat eiser werkzaamheden verrichtte in de onderneming van zijn partner zonder dit te melden. Uit onderzoek en verklaringen van ex-werknemers blijkt dat eiser productieve arbeid verrichtte, terwijl de partner nauwelijks een rol speelt in de onderneming.
De rechtbank oordeelt dat verweerder de bewijslast heeft voldaan en dat de werkzaamheden van eiser als productieve arbeid moeten worden aangemerkt. De schending van de inlichtingenplicht door eiser rechtvaardigt de herziening en terugvordering van de uitkering en toeslag. De volledige winst uit de onderneming mag aan eiser worden toegerekend, omdat de partner geen significante rol vervult.
Eiser heeft geen gronden tegen de hoogte van de terugvordering aangevoerd en er zijn geen dringende redenen om van terugvordering af te zien. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, met als gevolg dat eiser geen griffierecht of proceskosten vergoed krijgt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening en terugvordering van de WAO-uitkering en toeslag worden bevestigd.