Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het rijden met een voertuig voorzien van niet-toegestane verblindende of knipperende verlichting. Betrokkene stelde beroep in tegen deze boete, waarbij hij aanvoerde dat hij die dag twee boetes had ontvangen en dat er geen cautie was gegeven, wat volgens hem in strijd was met artikel 6 EVRM Pro.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Tijdens de zitting was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, betrokkene verscheen niet. De kantonrechter nam de verklaring van de verbalisant over, die aangaf dat betrokkene was staande gehouden, cautie was gegeven en betrokkene geen verklaring had afgelegd.
De kantonrechter oordeelde dat er geen schending van artikel 6 EVRM Pro had plaatsgevonden. Wel werd de feitcode gewijzigd van de oorspronkelijke naar N650, omdat het voertuig meer verlichting had dan toegestaan, wat ook op foto's was vastgelegd. Deze wijziging werd geoorloofd geacht omdat betrokkene hierdoor niet in zijn verdedigingsbelangen werd geschaad en het boetebedrag niet hoger werd.
De kantonrechter verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond, vernietigde de beslissing van de officier van justitie voor zover deze betrekking had op de feitcode en gedragsomschrijving, en wijzigde de inleidende beschikking dienovereenkomstig. De boete bleef ongewijzigd in stand.
Uitkomst: Het beroep is gedeeltelijk gegrond verklaard met wijziging van de feitcode, terwijl de boete in stand blijft.