De rechtbank Noord-Holland heeft op 13 februari 2023 de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige verlengd tot uiterlijk 28 december 2023, gelijklopend met de ondertoezichtstelling. De minderjarige verblijft sinds februari 2021 in een pleeggezin en ervaart daar warmte, structuur en veiligheid. De gecertificeerde instelling (GI) heeft geconcludeerd dat de aanvaardbare termijn voor terugplaatsing bij de ouders is verstreken, omdat de ouders onvoldoende leerbaar zijn gebleken en de omgang met hen leidt tot ernstige regulatieproblemen bij de minderjarige.
De ouders hebben verweer gevoerd en verzocht om een contra-expertise en uitbreiding van de omgangsregeling. De rechtbank overweegt dat de GI en betrokken professionals de situatie zorgvuldig hebben onderzocht en dat een nieuw onderzoek het belang van de minderjarige schaadt. De omgangsregeling blijft ongewijzigd vanwege de blijvende problematiek na contact met de ouders. De rechtbank erkent dat de ouders van de minderjarige houden, maar stelt vast dat het perspectiefbesluit zorgvuldig en begrijpelijk is en dat de minderjarige niet meer bij haar ouders kan opgroeien.
De zorgregeling wordt niet uitgebreid omdat de omstandigheden rondom de omgang niet zijn gewijzigd en de minderjarige het contact met de ouders moeilijk volhoudt. De rechtbank wijst het verzoek tot contra-expertise en wijziging van de zorgregeling af. De machtiging tot uithuisplaatsing wordt uitvoerbaar bij voorraad verlengd tot het einde van de ondertoezichtstelling.