De rechtbank Noord-Holland behandelde op 16 februari 2023 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van feitelijke aanranding van de eerbaarheid in vereniging op het station van Hoorn. De tenlastelegging betrof het aanraken en insluiten van het slachtoffer door een groep jonge mannen, waarbij verdachte werd beschuldigd van deelname aan deze handelingen.
De officier van justitie vorderde een voorwaardelijke gevangenisstraf en een taakstraf, terwijl de verdediging vrijspraak wegens onvoldoende bewijs bepleitte. Uit het dossier en de verklaringen bleek dat verdachte zich op enig moment van de groep had afgewend en met zijn telefoon bezig was, maar het was onduidelijk hoe lang en op welk moment dit gebeurde.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend kon worden vastgesteld welk aandeel verdachte had in het ten laste gelegde feit. Daarom sprak zij verdachte vrij. Daarnaast werd de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar schadevordering en werd bepaald dat de in beslag genomen kledingstukken aan het slachtoffer worden teruggegeven.