ECLI:NL:RBNHO:2022:9822
Rechtbank Noord-Holland
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over last onder dwangsom wegens illegale bewoning en verbouwing zonder vergunning
Eiser is eigenaar van twee panden waarop zonder omgevingsvergunning verbouwingen zijn uitgevoerd en die in strijd met het bestemmingsplan voor bewoning worden gebruikt. Verweerder legde een last onder dwangsom op om de gebouwen te verwijderen of terug te brengen naar de staat van 1999 en de illegale bewoning te staken.
De rechtbank bevestigt dat verweerder bevoegd was tot handhaving, maar stelt vast dat de formulering van de last onder dwangsom onduidelijk is, met name het onderdeel over het terugbrengen naar de oude staat. Dit is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel omdat niet duidelijk is wat precies moet worden hersteld.
De begunstigingstermijn van vijftien maanden wordt als redelijk beoordeeld en de hoogte van de dwangsom van €50.000,- is proportioneel. Er is geen sprake van verbeurde dwangsommen wegens niet tijdig beslissen op bezwaar, omdat eiser niet effectief in gebreke is gesteld.
De rechtbank geeft verweerder de mogelijkheid het gebrek in de formulering te herstellen binnen zes weken en houdt verdere beslissingen aan tot de einduitspraak. Eiser krijgt daarna gelegenheid om op het herstel te reageren. De uitspraak betreft een tussenuitspraak conform artikel 8:80a Awb.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de last onder dwangsom deels onduidelijk is en geeft de gemeente gelegenheid dit binnen zes weken te herstellen.