Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Volkswagen Leasing B.V.
Rechtbank Noord-Holland
De eisende partij, Volkswagen Pon Financial Services B.V., heeft de gedaagde partij gedagvaard wegens een geschil voortvloeiend uit een overeenkomst tussen een handelaar en een consument. De gedaagde partij is niet verschenen, waarna verstek is verleend.
De kantonrechter heeft ambtshalve getoetst of aan de wettelijke precontractuele informatieplichten, zoals neergelegd in Boek 6, titel 5, afdeling 2B van het Burgerlijk Wetboek, is voldaan. Deze plichten zijn bedoeld ter bescherming van de consument en vereisen dat essentiële informatie op duidelijke en begrijpelijke wijze wordt verstrekt.
De eisende partij heeft niet voldoende gesteld en onderbouwd dat zij aan deze informatieplichten heeft voldaan. Enkel verwijzen naar de onderhandse akte is onvoldoende om vast te stellen dat de consument adequaat is geïnformeerd. Gezien het ontbreken van een toelichting op de totstandkoming van de overeenkomst, kan de kantonrechter niet vaststellen dat aan artikel 6:230l BW is voldaan.
Op grond van artikel 111 lid 2 onder Pro d en artikel 21 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering moet de dagvaarding de eis en de gronden daarvan duidelijk vermelden, en moeten de feiten volledig en naar waarheid worden aangevoerd. De eisende partij heeft hier niet aan voldaan, waardoor de vordering wordt afgewezen.
De kantonrechter veroordeelt de eisende partij tot betaling van de proceskosten, vastgesteld op nihil voor de gedaagde partij. De eisende partij krijgt geen gelegenheid om de vordering alsnog nader toe te lichten of te onderbouwen.
Uitkomst: De vordering wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van de naleving van precontractuele informatieplichten.