ECLI:NL:RBNHO:2022:9259

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
19 oktober 2022
Publicatiedatum
19 oktober 2022
Zaaknummer
9999451
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wegens ontbreken overeenkomst met juiste partij

De eisende partij, Clean Energy B.V., vorderde betaling van een bedrag wegens een vermeende overeenkomst tot levering van gas en elektriciteit met de gedaagde partij. De gedaagde partij was verstek gebleven. De eisende partij stelde dat de overeenkomst was aangegaan voor een periode van vier jaar en dat de gedaagde partij in gebreke was gebleven met betalingen.

De eisende partij overlegde een digitaal ondertekende overeenkomst en een voicelog van het telefoongesprek waarin de overeenkomst zou zijn gesloten. De overeenkomst was echter getekend door een andere persoon dan de gedaagde partij en de facturen waren eveneens aan die persoon gericht.

De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat de eisende partij de juiste partij had gedagvaard, omdat niet kon worden vastgesteld dat de overeenkomst met de gedaagde partij was gesloten. Daarom werd de eisende partij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering. De proceskosten werden aan de eisende partij opgelegd en voor de gedaagde partij vastgesteld op nihil.

Uitkomst: Eiser is niet-ontvankelijk verklaard omdat niet is vastgesteld dat de overeenkomst met de juiste partij is gesloten.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 9999451 \ CV EXPL 22-4278
Uitspraakdatum: 19 oktober 2022
Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Clean Energy B.V., voorheen handelend onder de naam
Holthausen Clean Energy B.V.
gevestigd te Groningen
de eisende partij
gemachtigde: Landelijke Associatie Van Gerechtsdeurwaarders B.V.
tegen
[gedaagde]
wonende te [plaats]
de gedaagde partij
niet verschenen

1.Het procesverloop

1.1.
De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

2.De vordering

2.1.
De eisende partij heeft gevorderd de gedaagde partij te veroordelen tot betaling van € 311,75, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 267,89 vanaf 30 juni 2022 tot aan de dag der algehele voldoening, met veroordeling van de gedaagde partij in de proceskosten.
2.2.
De eisende partij heeft aan haar vordering ten grondslag gelegd dat zij met de gedaagde partij een overeenkomst tot de levering van gas en elektriciteit (hierna: de overeenkomst) heeft gesloten voor een periode van vier jaar. De gedaagde partij heeft zich per 9 april 2021 aangemeld bij een andere leverancier. Dientengevolge heeft de eisende partij de overeenkomst per 9 april 2021 beëindigd. De eisende partij stelt dat de gedaagde partij met tijdige en/of volledige betaling van de voorschotten en/of afrekeningen in gebreke is gebleven.

3.De beoordeling

3.1.
De eisende partij heeft de (digitaal) ondertekende overeenkomst overgelegd. De overeenkomst is getekend door mevrouw [betrokkene] (hierna: [betrokkene]). De eisende partij stelt dat, hoewel de naam op de overeenkomst afwijkt van de naam van de gedaagde partij, er geen twijfel bestaat over het feit dat de gedaagde partij de overeenkomst is aangegaan. Ter onderbouwing hiervan heeft de eisende partij een voicelog van het telefoongesprek waarin de overeenkomst is aangegaan overgelegd.
3.2.
De kantonrechter overweegt als volgt. Uit zowel de ondertekende overeenkomst als de voicelog volgt dat de overeenkomst is aangegaan door [betrokkene]. De door de eisende partij verzonden facturen zijn eveneens aan [betrokkene] gericht. Nergens blijkt uit dat de eisende partij een overeenkomst is aangegaan met de gedaagde partij, zodat naar het oordeel van de kantonrechter niet kan worden vastgesteld dat de eisende partij de juiste partij gedagvaard heeft. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de eisende partij niet-ontvankelijk is in haar vordering.
3.3.
De proceskosten komen voor rekening van de eisende partij, omdat zij ongelijk krijgt. Deze worden aan de kant van de gedaagde partij tot en met vandaag vastgesteld op nihil.

4.De beslissing

De kantonrechter:
4.1.
verklaart de eisende partij niet-ontvankelijk in haar vordering;
4.2.
veroordeelt de eisende partij tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de gedaagde partij worden vastgesteld op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. I. de Greef en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter