ECLI:NL:RBNHO:2022:8048
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verlenging ondertoezichtstelling wegens gebrek aan contactherstel tussen kinderen en vader
In deze zaak verzocht de gecertificeerde instelling tot verlenging van de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen vanwege een ernstige ontwikkelingsbedreiging door het ontbreken van contact met hun vader sinds 2013. De kinderen wonen bij hun moeder en hebben een negatief beeld van hun vader, wat contactherstel bemoeilijkt. Ondanks verschillende hulpverleningspogingen, waaronder gesprekken met een deskundige en exposure-therapie, is het niet gelukt het contact te herstellen. De kinderen en moeder verzetten zich tegen contactherstel en hulpverlening, wat de situatie bemoeilijkt.
De kinderrechter voerde gesprekken met beide kinderen, die aangaven geen contact met hun vader te willen en geen behoefte te hebben aan verdere hulpverlening. De moeder stelde dat de ondertoezichtstelling niet verlengd moest worden omdat de kinderen het goed doen en verdere dwang schadelijk zou zijn. De vader en de gecertificeerde instelling benadrukten het belang van contactherstel en stelden dat de moeder het contact bewust tegenhoudt.
De kinderrechter concludeerde dat ondanks de ernstige ontwikkelingsbedreiging het gedwongen contact via een schriftelijke aanwijzing geen reële kans van slagen heeft vanwege de grote weerstand van de kinderen. De ondertoezichtstelling heeft sinds 2019 geen wezenlijke verbetering gebracht. Daarom werd het verzoek tot verlenging afgewezen. De kinderrechter legde in kindvriendelijke taal uit dat het verzoek is afgewezen om stress bij de kinderen te voorkomen, maar dat er in de toekomst ruimte kan zijn voor contact op eigen initiatief.
Uitkomst: Het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling wordt afgewezen vanwege het ontbreken van reële kans op contactherstel tussen de kinderen en hun vader.