Opposante heeft beroep ingesteld tegen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dijk en Waard vanwege het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift van 1 oktober 2015. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het kennelijk onredelijk laat was ingediend. Hiertegen stelde opposante verzet in en verzocht om een zitting, maar zij verscheen niet. De rechtbank moest beoordelen of het beroep terecht zonder zitting was behandeld.
Opposante voerde aan dat vanwege de langdurige en complexe procedures zij niet eerder wist dat er nog geen beslissing op het bezwaarschrift was genomen, en dat bijzondere omstandigheden het beroep niet onredelijk laat maken. De rechtbank oordeelde echter dat het aan opposante was om de status van haar bezwaar te volgen, ook al was zij in meerdere procedures verwikkeld.
De rechtbank concludeerde dat het beroep pas zes jaar na het bezwaarschrift werd ingediend en dat dit onredelijk laat was. Daarom was het niet nodig opposante alsnog te horen en bleef de eerdere uitspraak in stand. Het verzet werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.