Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
- (een) (grote) hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en/of
- (een) (grote) hoeveelheden van een materiaal bevattende MDMA en/of
- (een) (grote) hoeveelheden van een materiaal bevattende heroïne en/of
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
De verdachte kwam naar eigen zeggen sinds januari 2019 bijna dagelijks in de loods aan de [adres A] te Heerhugowaard. Hij beschikte over een eigen sleutel van de buitendeur van de loods en had daarmee vrije toegang tot de loods. Ook op 5 juni 2019 is hij in de loods geweest en hij is later die dag, terwijl de politie sprak met de persoon die de melding had gedaan, langs de loods gereden. De verdachte is staande gehouden nadat de melder aangaf dat de auto waarin de verdachte reed regelmatig bij de loods kwam. Bij zijn staande houding werden in de auto van de verdachte documenten aangetroffen die verband houden met het kenteken van oplegger 2. Het betreft een brief van de RDW aan [onderneming A] van 22 januari 2019 met als bijlage een conformiteitsbewijs voor het kenteken van de oplegger ( [kenteken A] ) en een brief van de RDW van 21 januari 2019 met de tenaamstellingscode voor dit kenteken en behorend bij de afgifte van een kentekenbewijs.
Gelet op de aangetroffen situatie waar een partij tuinmeubels verspreid stond door de loods, terwijl daarin ook twee opleggers stonden die geprepareerd waren met verborgen ruimten en gevuld waren met grote hoeveelheden verdovende middelen, neemt de rechtbank als vaststaand aan dat de tuinmeubelhandel in de loods aan de [adres A] een dekmantel was voor de aanwezigheid van drugs bestemd voor de grootschalige internationale handel. De verdachte had toegang tot de beide opleggers. Oplegger 2 was weliswaar dicht, maar niet afgesloten en van oplegger 1 lagen de sleutels in de loods. Deze lagen weliswaar enigszins verborgen, maar waren wel vindbaar en bereikbaar voor iemand die dagelijks in de loods aanwezig is en wetenschap heeft van de aanwezigheid van de in de loods aanwezige verdovende middelen. Dat de verdachte ook daadwerkelijk in oplegger 1 is geweest volgt uit de dna-sporen van de verdachte die werden aangetroffen op verschillende goederen die in deze oplegger lagen. Deze zaten onder meer op de rits van de tas waarin de wapens zijn aangetroffen, op gezichtsmaskers, een handschoen, de drinkrand van een flesje en een rietje van een pakje drinken. Hoewel dit eenvoudig verplaatsbare zaken zijn, zoals door de verdediging is aangevoerd, acht de rechtbank de verklaring van de verdachte voor de wijze waarop deze goederen in de oplegger terecht zouden zijn gekomen niet aannemelijk. Nog los van het feit dat het niet logisch is om een doos met afval van de grote ruime loods naar de beperkte ruimte van de oplegger te verplaatsen, stond de doos met de goederen verder naar achteren in de oplegger en tussen een hoop andere spullen, waardoor niet aannemelijk is dat deze daar is neergezet om weg te worden gegooid. Bovendien stond ander afval wel buiten de opleggers in de open ruimte van de loods.
- grote hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en
- grote hoeveelheden van een materiaal bevattende MDMA en
- (grote) hoeveelheden van een materiaal bevattende heroïne en
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
6.Motivering van de sancties
Daarnaast heeft de officier van justitie opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis gevorderd.
7.Beslissingen omtrent in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
4 (VIER) JAAR.
26 1 STK Telefoontoestel (1027597, verschillende barsten aan de voorzijde, zwart merk: Bq Aquaris x pro)