Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het overtreden van een geslotenverklaring (bord C2 RVV 1990) in een eenrichtingsverkeerstraat. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 18 maart 2022 verscheen de vertegenwoordiger van de officier van justitie, maar de gemachtigde van betrokkene was afwezig. De officier van justitie handhaafde het standpunt en verzocht het beroep ongegrond te verklaren en het verzoek tot proceskostenvergoeding af te wijzen.
De kantonrechter overwoog dat de foto’s waarop de overtreding was vastgelegd duidelijk de contouren en het kenteken van het voertuig toonden, ondanks het ontbreken van het verkeersbord op de foto zelf. Een schouwrapport met foto’s bevestigde dat het bord C2 op het moment van de overtreding aanwezig was. Hierdoor was voldoende onderbouwd dat betrokkene het bord had gepasseerd.
Gelet hierop werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding afgewezen. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter S. Slijkhuis en is openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreding van een geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding wordt afgewezen.