ECLI:NL:RBNHO:2022:4220
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen stopzetting opvang beschermd wonen
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Haarlem om de opvang op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) te stoppen met ingang van 31 maart 2022 vanwege het niet naleven van huisregels.
De voorzieningenrechter heeft eerder een verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, maar na een nieuw verzoek en zitting heeft hij geoordeeld dat de schorsing van de opvang van vijf weken niet meer rechtmatig is. De schorsing is bedoeld als tijdelijke maatregel en kan slechts bij hoge uitzondering definitief zijn, maar de schorsing duurt onverminderd voort.
Verweerder had een tijdelijke opvangmogelijkheid aangeboden, maar verzoeker maakte hier geen gebruik van vanwege onduidelijkheid over toelating. De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoeker per direct weer opvang moet krijgen conform de indicatie beschermd wonen, totdat op het bezwaar tegen het besluit is beslist.
Daarnaast veroordeelt de voorzieningenrechter verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van verzoeker.
Uitkomst: De voorzieningenrechter schorst de stopzetting van de opvang en bepaalt dat verzoeker per direct opvang krijgt conform de indicatie beschermd wonen.