ECLI:NL:RBNHO:2022:4169
Rechtbank Noord-Holland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering gebreken badkamer en toewijzing tegenvordering factuur
In deze civiele bodemzaak vordert eiseres vergoeding van kosten voor vermeende gebreken aan haar badkamer. Tijdens een mondelinge behandeling ter plaatse constateerde de kantonrechter dat het afschot van de vloer correct is en dat de door eiseres aangevoerde gebreken, zoals aan de douchedeur, ventilatie en stoomunit, niet als tekortkomingen kunnen worden aangemerkt. Tevens werd vastgesteld dat eiseres niet alle gebreken voldoende aan gedaagden heeft toegerekend en dat zij bepaalde ingebrekestellingen heeft ingetrokken.
De kantonrechter oordeelde dat de keuze van de douchedeur en het niet accepteren van een dorpel onder de douchewand niet aan gedaagden kan worden toegerekend. Ook de montage van de scharnieren en de ventilatie voldoen aan de eisen. De stoomunit is naar oordeel van de rechtbank niet gebrekkig geïnstalleerd, mede gelet op de beperkte ruimte en het advies van de fabrikant.
Daarnaast is vastgesteld dat eiseres de laatste termijn van de factuur van gedaagde 2 verschuldigd is, omdat het werk stilzwijgend is aanvaard na het vertrek van gedaagde 2 en het niet meer verschijnen op het adres. De tegenvordering tot betaling van € 3.449,40 plus wettelijke rente wordt daarom toegewezen.
De proceskosten worden aan eiseres opgelegd omdat zij in het ongelijk is gesteld. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is in het openbaar uitgesproken door kantonrechter S.N. Schipper.
Uitkomst: De vordering tot vergoeding van kosten voor gebreken wordt afgewezen en de tegenvordering tot betaling van de factuur wordt toegewezen.