Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 april 2022 in de zaak tussen
[eiser 1] en [eiser 2] , uit [woonplaats] , eisers
[derde partij 1] en [derde partij 2] ,te [woonplaats]
Rechtbank Noord-Holland
Eisers hebben een handhavingsverzoek ingediend tegen bloempotten die op het trottoir voor hun woning staan. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Stede Broec, had een last onder dwangsom opgelegd om de bloempotten te verwijderen, maar heeft dit later herroepen na bezwaar van derde-partijen.
Eisers stelden dat de bloempotten parkeerhinder veroorzaken en schade aan hun woning door vrachtwagens die de straat niet goed kunnen passeren. Verweerder erkende de overtreding maar stelde dat de hinder vooral wordt veroorzaakt door foutief geparkeerde auto's en dat de stoep als bufferzone dient ter bescherming van de woningen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het belang van het behoud van de stoep als bufferzone zwaarder weegt dan het belang van eisers om schade te voorkomen. Het beroep is gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens is verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering van het belang van de stoep als bufferzone.