Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het niet stoppen voor een rood verkeerslicht. Tegen deze boete stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het te laat was ingediend.
Betrokkene stelde vervolgens beroep in bij de kantonrechter. De kantonrechter oordeelde dat de termijn voor het indienen van beroep strikt is en zes weken bedraagt volgens artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep van betrokkene was pas op 22 januari 2020 ingediend, terwijl dit uiterlijk op 20 januari 2020 had moeten gebeuren. De enkele stelling dat het beroep op 13 januari was ingediend was onvoldoende onderbouwd.
Ook was niet aannemelijk dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was in de zin van artikel 6:11 Awb Pro. De kantonrechter besloot daarom dat de officier van justitie terecht het beroep niet-ontvankelijk had verklaard en verklaarde het beroep ongegrond. Een inhoudelijke beoordeling van de zaak vond niet plaats.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring wegens te laat indienen wordt ongegrond verklaard.