ECLI:NL:RBNHO:2021:8580

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
8 januari 2021
Publicatiedatum
5 oktober 2021
Zaaknummer
8700783 \ WM VERZ 20-799
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen boete voor snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom ongegrond verklaard

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het overschrijden van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom met 4 km per uur. Betrokkene stelde dat hij na een kruispunt optrok en dat veel automobilisten dat doen, en betwistte de locatie van de snelheidsmeting. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 8 januari 2021 was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, betrokkene was afwezig en had dit vooraf kenbaar gemaakt. De kantonrechter overwoog dat het vaststaat dat betrokkene de toegestane snelheid van 50 km/u overschreed met een gecorrigeerde snelheid van 54 km/u. Volgens jurisprudentie van het Gerechtshof is het niet aan de weggebruiker om de geschiktheid van de meetlocatie te beoordelen, ook niet als deze vlak na een kruispunt ligt.

De kantonrechter vond geen reden om de boete te matigen en verklaarde het beroep ongegrond. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken, mits de boete hoger is dan €70. De procedure in hoger beroep is schriftelijk, tenzij mondelinge behandeling wordt verzocht.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 8700783 \ WM VERZ 20-799
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 8 januari 2021
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 8 januari 2021. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Op verzoek van de rechtbank heeft betrokkene laten weten dat hij/zij niet naar de zitting wil komen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: overschrijding maximum snelheid binnen de bebouwde kom met 4 km per uur.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
Betrokkene stelt dat hij na het kruispunt bezig was met optrekken en dat menig automobilist dit op die plaats doet. De locatie van de meting is discutabel. Betrokkene reed 57 km per uur, gecorrigeerd 54 km per uur terwijl 50 km per uur was toegestaan. Vast is komen te staan dat betrokkene de maximaal toegestane snelheid heeft overschreden. Het staat niet ter beoordeling van de weggebruiker, volgens het Gerechtshof, of een snelheidsmeting wel op een daartoe geschikte locatie plaatsvindt. Dit mag ook na een kruispunt. De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S. Slijkhuis, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: