Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Interpolis Zorgverzekeringen N.V.
Rechtbank Noord-Holland
Interpolis Zorgverzekeringen heeft bij de rechtbank Noord-Holland een vordering ingesteld tegen [gedaagde] tot betaling van achterstallige zorgpremies en eigen risico's over diverse maanden tussen 2015 en 2017, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten. [gedaagde] voerde verweer met een beroep op verjaring van de vordering en persoonlijke financiële omstandigheden die betaling onmogelijk maakten.
De rechtbank oordeelde dat een deel van de vordering ouder was dan vijf jaar en daarmee verjaard zou zijn, tenzij Interpolis de verjaring tijdig had gestuit. Interpolis had meerdere aanmaningen gestuurd, waaronder brieven van oktober 2017 en februari 2020, waarvan de laatste de verjaringstermijn effectief had gestuit. [gedaagde] erkende ontvangst van de latere aanmaningen, waardoor het beroep op verjaring werd verworpen.
De kantonrechter nam het verweer van betalingsonmacht niet over, omdat dit de contractuele verplichtingen niet opheft. De hoofdsom van € 1.066,27 werd toegewezen met wettelijke rente vanaf maart 2021. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen wegens het ontbreken van een juiste aanmaning volgens de wettelijke vereisten.
De proceskosten werden aan [gedaagde] opgelegd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken door kantonrechter S.W.S. Kiliç.
Uitkomst: De kantonrechter veroordeelt [gedaagde] tot betaling van € 1.175,53 en wettelijke rente, wijst incassokosten af wegens gebrek aan juiste aanmaning.