ECLI:NL:RBNHO:2021:6315
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vervangende machtiging tot wijziging splitsingsakte voor bestemmingswijziging appartement
Een appartementseigenaar verzocht de kantonrechter om vervangende machtiging voor het wijzigen van de splitsingsakte, zodat de bestemming van haar appartement op de begane grond gewijzigd kan worden van bedrijfsruimte naar woonruimte. Op de Algemene Ledenvergadering van de VvE was dit voorstel unaniem aangenomen.
De andere appartementseigenaren en hypotheekhouders weigerden echter hun medewerking, stellende dat achterstallig onderhoud en een onjuiste verdeelsleutel van de kosten eerst moesten worden opgelost. De kantonrechter oordeelde dat deze bezwaren niet over de bestemmingswijziging zelf gingen en dat het niet redelijk was om op die grond medewerking te weigeren.
De hypotheekhouders hadden bovendien geen redelijke grond om hun toestemming te weigeren, aangezien het onderhoud van het pand een gezamenlijke verantwoordelijkheid is. De kantonrechter wees het verzoek van de belanghebbenden af dat het besluit van de Algemene Ledenvergadering niet rechtsgeldig zou zijn, omdat bezwaar niet tijdig was gemaakt.
Daarom verleende de kantonrechter de vervangende machtiging voor de wijziging van de splitsingsakte en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Vervangende machtiging verleend voor wijziging splitsingsakte van bedrijfsruimte naar woonruimte.